Quantcast

De typische types die je als kunstenaar te verduren hebt

DoorGerda van de Glindillustraties doorJip van den Toorn

De vrouw die ook kunstenaar is, je moeder en natuurlijk Erik.

Als kunstenaar kom je een heleboel mensen tegen die iets heel specifieks van jouw beroepskeuze vinden en niet bang zijn om dat te uiten. Sommigen zijn er ongelooflijk blij mee, anderen diep ongerust en weer anderen willen graag een uitgebreide verantwoording over je beroepskeuze en daarmee de besteding van hun zuurverdiende belastingcenten. Bij dezen een overzicht van de typische types die je als kunstenaar sowieso te verduren hebt.

De sceptische oom

Dit type heeft vele verschijningsvormen maar manifesteert zich vooral op kringverjaardagen. Bijvoorbeeld in de vorm van de RTL Boulevard-buurvrouw die stiekem ook graag kunstenaar had willen worden maar niet verder kwam dan haar zelfgemaakte Live, Laugh, Love-decoratie. Of de voetbalsupportende oom die vlinders in zijn buik krijgt elke keer als Mark Rutte “normaal” zegt. Dit type zal als een roofdier wachten tot de structurele integriteit van je tompouce het begeeft en je plots vragen wat je ook alweer doet, wat de wereld daaraan heeft en waarom zijn of haar belastingcenten daarvoor nodig zijn.

De scepticus vindt dat hij harder werkt dan meeste mensen, en zeker harder dan jij. Hij begrijpt namelijk niet hoe je je dagen kunt vullen met het maken van ‘nieuw werk’ en is van mening dat alle kunstenaars na Van Gogh beter iets nuttigs hadden kunnen doen met hun leven. De kans is groot dat je je daardoor ofwel smerig superieur voelt of opeens twijfelt of je nieuwe sculptuur van Brinta nou wel echt zo’n goed idee was. Het kan lonen om de voor de volgende verjaardag uit te pluizen hoeveel de beveiliging van de gemiddelde voetbalwedstrijd kost en die informatie er in te trappen als hij net een plak leverworst naar binnen harkt. Laat hem daar maar eens op kauwen.

De baas

De baas is degene waarvoor je (tijdelijk) gaat werken zodra je beseft dat je niet direct bakken met geld gaat verdienen met je kunstwerken. Je hebt hem bij je sollicitatiegesprek verteld dat je kunstenaar bent en daar zag hij wel wat in. Sinds je eerste dag doet hij dan ook zijn best om jouw creativiteit te benutten om meer klanten binnen te halen. Hij zal je vragen om de daghap met sierletters op het krijtbord te schrijven, menukaarten te ontwerpen en ‘ludieke evenementen’ te bedenken.

De baas werkt ongeveer sinds zijn twaalfde in de horeca en is er apetrots op dat hij nu zijn eigen tent heeft. Het leek hem leuk om er een keer een werk van jou op te hangen, maar sinds hij weet wat dat kost, is hij er nooit meer op teruggekomen. Dit type begrijpt je niet, maar hij mag je wel en hij hoopt echt dat jullie het ver gaan schoppen samen. Hij vergeet alleen steeds dat zijn toko jouw plan B is. Hij ligt er dan ook nog nachten wakker van als jij ontslag neemt omdat je nu je boterhammen verdient met abstracte schilderkunst en geglazuurde beeldjes van keramiek.

Erik

Je ontmoet Erik kort nadat je bent gestopt met werken voor de baas. Je verdient eindelijk wat centen met je werk en hij gaat je helpen om daar verstandig mee om te gaan. Erik is namelijk accountant en hij gaat je boekhouding doen zodat jij niet langer hoeft te janken om de beerput die de site van de Belastingdienst is. Het enige wat jij daarvoor hoeft te doen is alle bonnetjes bewaren die je ooit nog in je leven krijgt. Erik zegt dit ongeveer even vaak als dat je spijt hebt dat je niet om een bonnetje hebt gevraagd. Of je nou een bus purschuim koopt of een setje nieuwe onderbroeken: Erik gaat er op magische wijze voor zorgen dat de fiscus daaraan mee gaat betalen.

Erik draagt nette schoenen, een degelijke broek en een onbeduidend overhemd dat zijn wederhelft voor hem scoorde bij die allerallerlaatste uitverkoop van de V&D. Hij krijgt altijd een warm gevoel van zijn eigen merk plakband, Carlo Bozhardt, Irene Moors en die weeïge stem uit de Rabobank-reclames. Hij kreeg bijna een attaque toen je zei dat je anti-kapitalistische performances doet waar je omgerekend 1,40 per uur voor krijgt, maar zolang jij vooraf voor zijn diensten betaalt, zorgt hij ervoor dat je die grijpstuiver wel mag houden. Erik is namelijk een man van zijn woord.

De vrouw die ook kunstenaar is

De vrouw die ook kunstenaar is kom je meestal tegen tijdens de opening van je tentoonstellingen waar net te weinig mensen op af komen. Je kunt haar herkennen aan haar felgekleurde jas van vilt, een brilmontuurtje dat je als vrij pittig zou kunnen omschrijven en een kapsel dat je als ronduit pittig zou kunnen omschrijven. Je kunt haar niet missen, want ze staat meestal zo uitbundig naar een werk te kijken dat je je bijna afvraagt of er een performance of yogasessie gaande is waar jij niets vanaf weet. Ze zucht, puft, steunt, maakt een oergeluid en doet een of andere zonnegroet richting het kunstwerk terwijl jij nog probeert de benen te nemen. Het zal te laat zijn.

Pats boem uit het niets vertelt de vrouw die ook kunstenaar is, dat ze ook kunstenaar is. Ze vertelt dat ze sinds kort fanatiek plantenpotten boetseert, 3D-kaarten aquarelt en een drukbezochte tentoonstelling heeft bij de lokale tandartspraktijk . “Tjonge,” zeg je, en ze vat dit op als aanmoediging om vervolgens haar hele levensverhaal te vertellen. Je luistert en je vraagt je af of je een slecht mens bent omdat je jezelf een echte kunstenaar vindt en haar niet. Het antwoord is ja.

Je collega die werk maakt dat op dat van jou lijkt

Op een kunstacademie zitten altijd een heleboel mensen die allemaal hun stinkende best doen om iets te doen dat nog niet eerder is gedaan. Ook vind je er een hele rits collega’s die hun stinkende best doen op werk dat verdacht veel op dat van jou lijkt. Of lijkt jouw werk op dat van hen?

Dit type is er eentje die je in de gaten wil houden. Als dit type opeens wordt opgepikt door een grote galerie of kunstverzamelaar, is de kans voor jou misschien wel voorgoed verkeken. Jij zult dan immers de persoon worden die óók doet wat zij doet. Een lastig parket, want afgunst ligt altijd op de loer, terwijl je het werk van dit type nou juist zo steengoed vindt. Je zou er graag eens over praten, maar toch ben je bang om tijdens een atelierbezoek plotseling ideeën uit te wisselen die dit type eeuwige roem zal opleveren. Dat is prima, zolang je maar beseft dat jij voor die persoon waarschijnlijk precies zo bent.

De kunstcriticus

De kunstcriticus sluipt rond op tentoonstellingen om te kijken wat jij en je collega’s er van bakken. Dit type heeft vele verschijningen, maar je kunt hem doorgaans herkennen aan zijn wilde schrijven in een Moleskine-boekje. Bovendien heeft hij een buitengewone fascinatie voor het fotograferen van informatiebordjes. Met een beetje geluk heb je te maken met het type dat zich zich met liefde verdiept in kunstwerken en een praatje met je maakt om jouw motieven helder te krijgen. Met een beetje pech is het de kunstcriticus die een half uurtje heeft om door de hele expo te racen en besluit hij onderweg dat jouw werk een trieste bedoening is dat nooit het levenslicht had mogen zien. Daarbij verstopt hij zich graag achter moeilijke en tevens debiele termen als weltschmerz, juxtapositie, post internet aesthetics en zombie formalism. Hij vergeet alleen weleens dat er ook gewoon mensen zijn die een schilderij mooi vinden omdat ze een goed gevoel van de kleur groen krijgen.

Je moeder

Je moeder vroeg zich ooit af wat voor persoon je zou worden toen je in haar buik zat. Dat er een kunstenaar uitkwam was voor haar even schakelen, maar inmiddels is ze helemaal om. Als klap op de vuurpijl heeft ze eindelijk Facebook onder de knie waar ze niet alleen petities tegen dierenmishandeling en al haar vakantiefoto’s deelt, maar ook elk evenement waar jij je werk mag komen ophangen.

Als een agent van de AIVD volgt ze elke move die je maakt en ze is er altijd als eerste bij om te reageren. Je kent haar door en door, maar het bloed trekt toch altijd even uit je gezicht weg als je ineens een opmerking van je moeder ziet staan in het evenement waar je al een week voor in je broek schijt omdat er grote galeriehouders komen. ‘Papa en ik komen ook!’ staat er dan, of: ‘Wij zijn dan op de verjaardag van tante Ria, maar veel plezier, liefs mama.’ Als het haar toch lukt om erbij te zijn, zal ze elke gelegenheid aanwenden om tegen willekeurige onbekenden te vertellen dat zij jouw moeder is. Koester haar.

Je grootste fan

Hoe langer je kunst maakt, hoe meer mensen (als het goed is dan) jouw werk leren kennen. Ze zien je werk op tentoonstellingen, herkennen je naam of je authentieke ‘handschrift’ en maken eens een afspraak met je om in je atelier te komen kijken. Met een beetje geluk is je grootste fan iemand met een grote portemonnee en verandert hij langzaam in een hedendaagse mecenas. Maar laten we wel wezen. De kans is aanzienlijk dat je grootste fan en je moeder een en dezelfde persoon zijn. Het zou zelfs nog kunnen dat je moeder een soort drie-eenheid is van je moeder, de vrouw die ook kunstenares is en je grootste fan. In dat geval: succes!

De drie zwarte coltruien

De opening van je tentoonstelling is bijna ten einde wanneer de Iron Fleet uit Game of Thrones in levende vorm komt binnenzeilen. Deze volledig in het zwart geklede types denken misschien dat ze een groep zijn, maar iedereen hoeft maar één blik op ze te werpen om te zien wie de Beyoncé en wie die andere twee Destiny’s Child's zijn waarvan je de namen en gezichten niet meer kan herinneren.

De drie coltruien zijn zo laat omdat ze een stuk of dertig openingen per week aandoen, waar ze allemaal gezien en gefotografeerd moeten worden. Je bent misschien blij met de aandacht van deze hippe types, maar die euforie slaat snel over in desillusie. De drie zwarte coltruien hebben namelijk het talent om alles wat ze doen en zeggen te brengen met een demotiverende hoeveelheid minachting. Met z’n drieën smiespelen ze een beetje, grinniken wat en als ze eenmaal vragen “is dit allemaal van jou?” ben je ervan overtuigd dat al je werk helemaal kut is. Gelukkig is deze attitude – zoals ze dat bij Hollands Next Top Model noemen – niet meer dan een façade die de buitenwereld ervan moet overtuigen dat hun leven giga-interessant is, terwijl ze ook vaak genoeg met een kant-en-klare lasagne op schoot Designated Survivor kijken.