Quantcast
Het nieuwste gebouw op de Amsterdamse Zuidas is een plaatje – en niet veel meer dan dat

Architectuur en de waan van digitale visualisaties.

Mark Minkjan is hoofdredacteur van Failed Architecture en schrijft voor The Creators Project over het falen en slagen van moderne architectuur. Voor dit artikel heeft hij de Geert Bekaert-prijs gewonnen

Amsterdam krijgt een fabelachtig nieuw gebouw, een soort bewoonbare rotswand met weelderige begroeiing. Als we de plaatjes voor het aangekondigde Ravel Plaza moeten geloven, tenminste. Want in werkelijkheid zullen we het gebouw nooit gaan zien zoals op dit beeld. Het groen zal er in Nederland zelden zo fris bij liggen, de duurzaamheid lijkt vooral een rookgordijn en het getoonde perspectief is alleen voor een vogel relevant. De aankondiging illustreert daarmee een groter probleem binnen de architectuur en de manier waarop de media erover berichten, waarin men zich dood lijkt te staren op de glinsterende nieuwigheid van gebouwen, terwijl de maatschappelijke invloed ervan voor het gemak wordt weggelaten. 

Eerst even het grote verhaal. De Gemeente Amsterdam heeft projectontwikkelaar OVG en het befaamde architectenbureau MVRDV uitverkozen voor een nieuwbouwproject aan de Zuidas. Het voorstel is een mix van woningen, kantoren en voorzieningen in drie torens, die in elkaar overvloeien via geschakelde terrassen. Op die terrassen is een soort verticaal bos geprojecteerd. Het gebouw moet grotendeels “publiek toegankelijk worden, waarbij de openbare ruimte letterlijk doorloopt in en over het gebouw,” zegt de directeur van OVG.

Laten we weer naar de render kijken. Ziet er fantastisch uit, toch? Het is vooral fantasierijk. Zo’n mooie lichtval door de zon zie je niet dagelijks, toch? Precies, het is ook een digitale weergave van de gedroomde ambitie van de architect. Het gebouw lijkt ook prachtig transparant, maar glas reflecteert en het gebouw zal er straks een stuk meer gesloten uitzien. Bovendien moet er vaak worden bespaard op materiaal en andere zaken waardoor de werkelijkheid waarschijnlijk een stuk fletser uitvalt. En hebben de balkons in de visualisatie nou geen balustrades? Spannend. Verder is het maar zeer de vraag of die ruimte in en op het gebouw straks echt openbaar toegankelijk is.

Ja, al dat groen op de balkons en terrassen ziet er geweldig uit. Maar hoe hangt dat er straks echt bij? Renders van beboste gebouwen zie je de laatste tijd veel, maar succesvolle fysieke voorbeelden zijn nog niet gerealiseerd. Ze schijnen er nooit zo vorstelijk uit te kunnen gaan zien. Niet alleen omdat de smog of de harde wind funest zijn voor het groen, maar ook omdat de beplanting nooit kan floreren als die niet in de vaste grond staat. Bovendien is het in Nederland helaas niet het hele jaar door lente.

Het gebouw als een verticaal bos presenteren en vertellen dat het duurzaam gaat zijn, heeft iets weg van ‘greenwashing’. Nieuwbouw is namelijk een van de zwaarst milieuvervuilende activiteiten. De uiteindelijke plantjes op de balkons gaan die CO2-bom nooit compenseren. OVG zette vorig jaar ook nog The Edge neer op de Zuidas, het nieuwe hoofdkantoor van Deloitte. Het marketingsfilmpje ervan is zo futuristisch en over de top dat het bijna grappig is. Het gebouw kreeg het label “duurzaamste kantoorgebouw ter wereld,” terwijl het er voor zorgde dat Deloitte haar twaalf jaar oude kantoor bij station Sloterdijk leeg achterliet. Gedumpt voor het gebouw van de toekomst.

MVRDV presenteerde onlangs een render voor de Skygarden in Seoul, tevens een ‘groen’ project voor een park op een oude snelweg. (Beeld: MVRDV)

Bovendien is Ravel Plaza in de render vanuit een bijzonder mooi perspectief gevisualiseerd, maar dat beeld is straks alleen voor Gerrit Zalm te zien vanuit zijn directeurskamer in het kantoorgebouw van ABN AMRO. Vanuit veel andere hoeken zie je uiteindelijk gewoon een glazen doos, met misschien wat groene bladeren erop.

Je kunt het de architect ook niet heel erg kwalijk nemen. Architectuur wordt vaak gebruikt als make-up voor vastgoedprojecten. Architecten zijn afhankelijk van opdrachtgevers en doen daarom maar (wat graag) mee aan het spel van verleiding. Het plaatje van Ravel Plaza is slechts verkoopmateriaal, waarmee de gemeente moest worden overtuigd om OVG het project te laten bouwen. Niet dat het een kwestie van gunnen is: de gemeente wil graag dat er volop nieuw wordt gebouwd omdat de stad miljoenen verdient aan de grond waarop het project wordt gebouwd.

Maar wat we voor ons zien is vooral een lege huls. Het plaatje van Ravel Plaza is een verkeerde voorstelling van de toekomstige realiteit, maar ook het verkooppraatje is dichtgemetseld met holle marketingwoorden als “vernieuwend”, “uniek”, “duurzaam”, “hoogwaardig” en “innovatief”. We moeten nog tot 2018 wachten op de precieze invulling van die huls.

Dat wil niet zeggen dat het uiteindelijk geen mooi en functioneel gebouw zal worden dat veel mensen zal bevallen, maar wat we nu zien is niet meer dan een mooie voorstelling ervan. Het beeld is gefabriceerd als optimistisch icoon van positieve ontwikkeling. Het is reclame om de niet al te populaire Zuidas in een wat positiever daglicht te zetten. Een icoon met “een gedurfde en eigenzinnige uitstraling”, in de woorden van de Zuidasbaas van de Gemeente Amsterdam, dat “op krachtige wijze een omslagpunt markeert in de doorontwikkeling van de Zuidas naar een gemengd gebied met wonen, werken en voorzieningen.”

Make-up dus. Zo’n render verhult de lelijke kanten van architectuur en stedelijke ontwikkeling. En de media trappen erin. Want los van het feit dat Ravel Plaza in werkelijkheid niet het gebouw van de render gaat zijn, verdoven dit soort plaatjes de discussie over architectuur. Het is de drug die ervoor zorgt dat je bedwelmd wordt en alleen nog maar de positieve kanten van het feestje ziet.

De eerste beelden die je ziet wanneer via Google Images zoekt op ‘architecture’. Met dank aan de media wordt architectuur een schijnwerkelijkheid.  (screenshot)

Veel media die over architectuur berichten, doen weinig meer dan het klakkeloos overnemen van het spektakelplaatje en de lege PR-tekst van de ontwikkelaar en architect. Dat gebeurde bij dit gebouw van MVRDV ook, op populaire designwebsites als DezeenDesignboom en ArchDaily, en zelfs in Het Parool. Waarom zouden ze ook kritisch zijn? De media moeten clicks en views genereren om geld te verdienen, en in de huidige beeldcultuur gaat dat nu eenmaal het gemakkelijkst wanneer je als eerste met sensationele plaatjes komt. Maar terwijl ze pretenderen nieuws te brengen, zijn ze niet veel meer dan een PR-instrument voor de ontwikkelaar en architect.

De gevierde architectuur is vaak voor de happy few. Toch verlekkeren mensen zich er maar al te graag aan, misschien juist wel omdat het vaak een onhaalbare droom is om ooit ook echt in een dergelijk gebouw te wonen. Door de fantastische voorstelling wordt voorbijgegaan aan vragen die moeten worden gesteld: hebben we dit gebouw eigenlijk wel echt nodig? Wat zijn eigenlijk de belangrijkste problemen voor de stad en hoe draagt dit project bij aan een oplossing? Wie betaalt ervoor? Wie gaat eraan verdienen? Wie mag er gebruik van maken? Hoe betaalbaar zijn de woningen? Hoe duurzaam is de bouw en het gebruik?

Ik zeg niet dat Ravel Plaza op al deze vlakken slecht zal scoren, maar wel dat nieuwe projecten nauwelijks op deze punten worden beoordeeld. En dat terwijl juist een kritisch publiek bij grote bouwprojecten eventueel nog veranderingen kan afdwingen.

Architectuur wordt te vaak verward met kunst. De beeldcultuur zorgt ervoor dat architecten teveel als beeldhouwers en designsterren worden neergezet. Architect is een creatief beroep, maar wel één met een sterke impact op onze leefomgeving. Aan een schilderij kun je voorbij lopen, een gebouw is beeldbepalend voor een hele wijk of stad, en blijft waarschijnlijk langer staan dan jij.

Daarom is het zaak dat we ons minder laten afleiden door de digitale waanvoorstellingen, en ons meer richten op de vormgeving van de echte wereld; de vormgeving van de wijken, de steden en de samenleving waarin we graag willen wonen.