Quantcast
Alle afbeeldingen door de auteur

Met onze systeembeheerder naar een internetcafé vol gekke internetkunst

Djanlissa Pringels

Djanlissa Pringels

Niemand weet meer van de ondoorgrondelijke cyberspace dan onze ICT-man Dylan.

Alle afbeeldingen door de auteur

Vanavond opent op het Foam Fusion Festival het Patty Morgan Internetcafé. Het is een vrij typisch internetcafé: je vindt er rafelige tapijten, trieste planten, een humeurige manager en een televisie die non-stop vreemde, onverstaanbare shows speelt. Maar in de plaats van mensen hacken of msn'en, bekijk je er internetkunst. En alhoewel dat klinkt als een goede manier om internetkunst te presenteren, blijft de stroming nog altijd wat vaag. Want hoe je het ook wendt of keert: niemand weet eigenlijk écht wat internetkunst precies is.

Wie ons dan kan helpen in deze absurde wereld van internetkunst? Dat kan er maar één zijn. Een man die zich elke dag verdiept in de ondoorgrondelijke wereld van de cyberspace: onze systeembeheerder Dylan.

Samen met Dylan ga ik dus naar Foam om een duikje te nemen in de tentoonstelling. Maar eerst gaat hij nog even naar de nachtwinkel voor een blikje bier en een pakje sigaretten. "Dat hoort bij een internetcafé," zegt hij. "Net zoals slippers." Hij kan het weten.

We komen aan in Foam en Dylan herkent het gebouw meteen. "Ik ben hier al eens geweest. Overal lagen zitzakken waarin je mocht chillen," vertelt hij. "Ik ging zitten op een zitzak, maar het bleek een marmeren kunstwerk te zijn. Ik dacht: fuck man, een grote marmeren punt in m'n reet."

Het eerste kunstwerk dat we tegenkomen is Hell Monster van Max de Waard. Met het kunstwerk creëert de kunstenaar een dystopisch universum aan de hand van geluid, video en tekst. De kunstenaar is gefascineerd door die dunne grens tussen fysiek en digitaal. "Telefoons worden langzamerhand deel van ons lichaam en ik wil die vervagende grens in dit kunstwerk verwerken," vertelt hij terwijl hij de computerende Dylan nauwgezet in de gaten houdt.

Een stuk rosbief

"Nou, je kunt maar één kant opgaan, maar als ik op de muis klik, verschijnen er kleuren en een stuk rosbief, denk ik," zegt Dylan over Hell Monster. "En dat is kunst: je hebt een bestaand kunstwerk, maar je kunt er zelf ook mee spelen."

Dylan besluit om een Whatsapp-berichtje te sturen naar het nummer dat bovenaan de site staat. Het bericht luidt: "Ik hoor audiofragmenten is het stukjes van het news?" . Het antwoord is dat hij een washandje op z'n hoofd moet leggen. "Ik weet niet zo goed wat hij er mee wil zeggen," concludeert Dylan, en we lopen naar het volgende werk.

Dylan neemt plaats achter een modem en twee boxjes. Het is Hello van Aukje Dekker en Willehad Eilers. We horen een telefoon die overgaat. Zo nu en dan wordt er opgenomen. Als Dylan antwoordt, hangen de mensen op. "Het is geen leuk gevoel," vertelt Dylan, "Ik heb weleens gehad dat ik iets wilde fixen en direct naar een voicemail gestuurd werd. Dat is helemaal niet leuk."

Later wordt ons uitgelegd dat de installatie naar willekeurige nummers belt. De stemmen die we horen zijn dus van nietsvermoedende Nederlanders. "Ok, dit is wel leuk," zegt Dylan, terwijl hij een slok bier neemt. "Ik zou dit wel lekker thuis willen doen en uren luisteren naar gesprekken."

Bij het derde werk, Quake 3 Arena van Martin Gabriel, staat de kunstenaar ons op te wachten. Dylan doet de koptelefoon op. "Is dit jazz?" vraagt hij aan de kunstenaar. "En mag ik op wat knopjes drukken? Even CTRL-ALT-DEL?". Met toestemming van de kunstenaar begint Dylan wat te prutsen met de computer.

Het kunstwerk is een visuele trip door het internet. Je glijdt door gangen vol youtubefilmpjes en reclamebeelden. "Ik benader het internet op een driedimensionale manier," legt de kunstenaar uit. "Maar eigenlijk is het ook misleidend. Ik creëer een verkeerd beeld van hoe simpel het internet werkt. Ik maakte een kubus, het 'centrum' van het internet, en daarvan een neppe wikipedia-pagina. Zo maak ik een overgang tussen het virtuele en het echte."

"Ik vind het echt goed gedaan," zegt Dylan. "Je ziet allerlei leuke dingen, zoals pornosites. Het visualiseert wat ik elke dag doe. Maar het voelt ook een beetje aan als een soort samenzweringstheorie, met die Minecraft-achtige kubus daar."

Tot slot eindigen we onze trip bij een stapel prints van Abstract Browsing van Rafaël Rozendaal. Op de prints zien we een webbrowser en allerlei gekleurde vlakken. "Dit is volgens mij de onderkant van een pak melk," zegt Dylan. "Daar vind je altijd verschillende kleurcodes".

"Rafaël maakte een plugin, die elke website omzet in abstracte kleurvlakken," legt Matthijs Booij van Patty Morgan ons uit. "Zie je wel, ik dacht aan een pak melk," zegt Dylan enthousiast.

Als we het internetcafé verlaten met een nieuwe sticker waarop staat "I understand art", besluit Dylan dat dit zijn soort kunst is. "Je kunt hierbij veel dieper gaan dan bij normale kunst. Ik begin erdoor wel echt na te denken over mezelf en de wereld. Dit soort kunst opent deuren."

Lees hier meer over het internetcafé, dat je nog tot en met zondag kunt bezoeken op het Foam Fusion Festival.